Het rommelt alweer een tijdje in Den Haag, maar de nieuwste peiling laat zien dat het gemor inmiddels echt breed is gaan zitten. Waar politieke irritatie vroeger nog weleens bleef hangen bij vaste tegenstanders, lijkt nu een veel grotere groep kiezers af te haken.
En dat is precies wat een nieuwe peiling van Ipsos I&O blootlegt: de onvrede over het kabinet-Jetten groeit hard. Het gaat niet om een paar gemiste punten in de peilingen, maar om een gevoel dat het kabinet steeds minder mensen weet te overtuigen.
Onvrede in cijfers: het beeld kantelt snel
Volgens Ipsos I&O zegt ongeveer zeven op de tien kiezers ontevreden te zijn over het kabinet-Jetten. Slechts 18 procent noemt zichzelf nog tevreden. Dat is een flinke klap, zeker omdat het eerder nog duidelijk anders klonk.
In juli stond het kabinet er nog beter voor: toen was 26 procent positief over de coalitie van D66, VVD en CDA. In een paar maanden tijd is dat dus behoorlijk weggezakt. Vooral die snelheid valt nu extra op.
Vertrouwen in oplossingen is nog lager
Alsof die tevredenheidscijfers nog niet pijnlijk genoeg zijn, is er een tweede getal dat minstens zo veel zegt. Kiezers twijfelen namelijk stevig aan het probleemoplossend vermogen van het kabinet, juist op de grote dossiers.
Slechts 9 procent denkt dat het kabinet in staat is om de grote problemen van Nederland echt aan te pakken. Daar staat 64 procent tegenover die daar geen vertrouwen in heeft. Met andere woorden: de twijfel is niet mild, maar massaal.
Van hoop op beleid naar gevoel van stilstand
Opinieonderzoeker Peter Kanne wijst erop dat vooral de snelheid van de vertrouwensval opvallend is. Bij de start was er onder veel kiezers juist een soort opluchting: na onrust en onderhandelingen zou er eindelijk weer bestuur komen.
Die verwachting vat Kanne samen als: “Er gaat eindelijk weer beleid gemaakt worden.” Inmiddels is dat beeld omgeslagen. Kiezers zien volgens hem nu vooral “stilstand” en “gedoe”, en die combinatie weegt zwaar.
Waarom dat ‘gedoe’ zo zwaar meetelt
Politiek draait niet alleen om plannen op papier, maar ook om het gevoel dat er ergens een stuur in handen is. Als mensen het idee krijgen dat de coalitie vooral met zichzelf bezig is, vertaalt zich dat snel naar frustratie.
Juist omdat het kabinet-Jetten begon met een belofte van stabiliteit, komt het extra hard aan als kiezers vooral getouwtrek en langzaam bewegende dossiers ervaren. Het contrast tussen belofte en praktijk maakt teleurstelling groter.
LEES OOK:Gezinnen met twee inkomens gaan er flink op achteruit in 2027: dit verandert er
Niet langer een niche: ontevredenheid is breed
Wat aan deze peiling opvalt, is dat de negatieve stemming niet meer voelt als iets van één hoek van het politieke spectrum. Zeventig procent ontevredenheid betekent dat het sentiment veel breder leeft dan alleen bij vaste critici.
Dat maakt het ook moeilijker om het weg te zetten als ‘tijdelijk chagrijn’. Als de basis onder het vertrouwen breder afbrokkelt, wordt het voor een kabinet lastiger om draagvlak te houden voor lastige keuzes en compromissen.
Wat dit betekent voor het kabinet-Jetten
Een slechte peiling is op zichzelf geen val, maar het is wél een signaal dat de rek bij veel mensen eruit raakt. Minder vertrouwen maakt elke beleidsstap ingewikkelder: besluiten worden sneller verdacht gemaakt en krijgen minder ruimte.
Het kabinet heeft dus niet alleen een inhoudelijke opdracht, maar ook een communicatieve: laten zien dat er daadwerkelijk iets gebeurt. Anders kan een periode van ‘krediet’ snel veranderen in een periode van ‘zeg maar wanneer het beter wordt’.
En u: hoe kijkt u ernaar?
De peiling roept dezelfde vraag op die ook onder het oorspronkelijke bericht werd gesteld: bent u tevreden over het kabinet-Jetten? Vindt u dat ze het prima doen, ervaart u vooral teleurstelling, of weet u het simpelweg nog niet?
Laat vooral van u horen: wat stoort u het meest, en wat zou het kabinet volgens u anders moeten doen? Reageer ook gerust op onze sociale media, dan nemen we de meest opvallende reacties mee in een volgend overzicht.
Bron: nieuwrechts.nl










