Je ziet hoe het nieuwe kabinet onder leiding van aanstaand premier Rob Jetten ingrijpende plannen presenteert voor de Werkloosheidswet. D66, VVD en CDA willen gezamenlijk circa 1,5 miljard euro besparen op de WW. Volgens berekeningen van vakbonden FNV en CNV raken deze maatregelen niet alleen de hoogte van de uitkering, maar ook de duur ervan. Vooral dertigers, oudere werknemers en flexwerkers krijgen volgens hen te maken met stevige gevolgen.

In het regeerakkoord staan meerdere concrete ingrepen die de komende jaren moeten worden doorgevoerd. De maximale duur van de WW-uitkering wordt teruggebracht van 24 naar 12 maanden. Daarnaast wil het kabinet de uitkeringen voor hogere inkomens met 20 procent verlagen. Die combinatie zorgt volgens de bonden voor een forse versobering van het vangnet bij werkloosheid.
Lagere uitkering voor middeninkomens
Je merkt dat de gevolgen verder reiken dan alleen de hoogste inkomens. De WW is gebaseerd op het laatstverdiende salaris, maar kent een wettelijk maximum. Nu kunnen werklozen maximaal ongeveer 4600 euro bruto per maand ontvangen. Onder de nieuwe plannen daalt dat bedrag naar circa 3700 euro bruto per maand. Dat verschil kan oplopen tot 900 euro per maand.
Volgens FNV zou 24 procent van de huidige WW-gerechtigden minder ontvangen als deze regels vandaag al zouden gelden. De bond waarschuwt dat dit percentage kan stijgen wanneer er meer massaontslagen volgen. Daarbij wordt verwezen naar recente ontslagrondes bij bedrijven als Heineken, ING en ASML. De impact wordt dan voelbaar in brede lagen van de arbeidsmarkt.
De regeringspartijen benadrukken dat de strengere regels alleen van toepassing zijn op nieuwe gevallen. Wie al een WW-uitkering ontvangt, behoudt zijn huidige rechten. Voor de bonden biedt dat weinig geruststelling. Zij stellen dat de verlaging niet alleen topinkomens raakt. Iedereen met een bruto maandinkomen van ongeveer 5000 euro, inclusief vakantiegeld en bijvoorbeeld een dertiende maand, merkt bij werkloosheid direct het verschil.
Halvering van de uitkeringsduur
Je ziet dat niet alleen de hoogte van de uitkering verandert, maar ook de periode waarin je er recht op hebt. De maximale duur van de WW wordt gehalveerd van 24 naar 12 maanden. Dat raakt vooral werknemers boven de 55 jaar. Deze groep heeft gemiddeld meer moeite om een nieuwe baan te vinden, terwijl zij nu een volledig jaar aan uitkering verliezen.

Volgens berekeningen van CNV kan een oudere werknemer met een hoger inkomen hierdoor tot 66.000 euro mislopen in vergelijking met de huidige regeling. Dat bedrag ontstaat door de combinatie van een lager maandbedrag en een kortere uitkeringsperiode. De financiële klap kan daardoor aanzienlijk zijn voor mensen die vlak voor hun pensioen nog zonder werk komen te zitten.
Aanpassing van de opbouw voor jongeren
Je merkt dat ook jongere werknemers worden geraakt door de plannen. Het kabinet wil niet alleen de maximale duur inkorten, maar ook de opbouw van het recht op WW aanpassen. Nu moet iemand 14 jaar hebben gewerkt om recht te krijgen op 12 maanden WW. Dat geldt vaak voor mensen van rond de 35 jaar of ouder.
In de nieuwe situatie wordt die eis verhoogd naar 24 gewerkte jaren. Dat betekent dat een 35-jarige met 14 jaar werkervaring nog maar recht heeft op zeven maanden WW. Voor veel dertigers betekent dit een aanzienlijk kortere periode van inkomensbescherming. Volgens FNV laat dit zien dat de plannen niet alleen oudere werknemers treffen, maar ook midden in de loopbaan ingrijpen.
Felle kritiek van vakbonden
Je hoort dat de vakbonden de plannen scherp bekritiseren. FNV-voorzitter Dick Koerselman en CNV-voorzitter Piet Fortuin wijzen erop dat de WW-pot wordt gevuld door premies van werkgevers en werknemers. Volgens hen doet de overheid nu “een eenzijdige greep in de kas”. Zij vinden dat het geld bedoeld is als vangnet bij werkloosheid en niet als bezuinigingsinstrument.
Het kabinet wijst erop dat de uitkering in de eerste twee maanden iets omhoog zal gaan. De bonden noemen dat een “sigaar uit eigen doos”. Deze verhoging gaat volgens de plannen pas in 2030 in, terwijl de bezuinigingen al veel eerder van kracht worden. Daardoor ervaren werkzoekenden eerst de versobering en pas later een beperkte compensatie.

Breder debat over zekerheid en solidariteit
Je ziet dat de discussie over de WW verder gaat dan alleen cijfers. Het raakt aan de vraag hoeveel zekerheid werknemers mogen verwachten in onzekere tijden. Tegenstanders vinden dat het sociale vangnet wordt uitgehold. Voorstanders stellen dat hervormingen nodig zijn om de overheidsfinanciën op orde te houden en mensen sneller aan het werk te krijgen.
De uiteindelijke uitwerking van de plannen zal afhangen van politieke keuzes en onderhandelingen in de Kamer. Wat nu al duidelijk is, is dat de voorgestelde bezuiniging van 1,5 miljard euro grote gevolgen kan hebben voor uiteenlopende groepen werkenden. Voor veel mensen wordt de WW minder ruim en korter van duur. Daarmee verandert het karakter van een belangrijke pijler onder het Nederlandse sociale stelsel.
