Binnen het kabinet rommelt het rond de manier waarop premier Rob Jetten leiding geeft. In gesprekken met ingewijden klinkt waardering voor zijn energie en dossierkennis, maar tegelijk groeit de irritatie zodra het politiek spannend wordt en knopen moeten worden doorgehakt.
Collega’s zouden het gevoel hebben dat discussies te lang blijven sudderen en dat er pas laat wordt ingegrepen. Het beeld dat daarbij ontstaat: iemand die hard werkt en zichtbaar is, maar niet altijd de regisseur is wanneer het spel echt op scherp staat.
Kritiek achter gesloten deuren
Meerdere ministers zouden in gesprekken aangeven dat Jetten op moeilijke momenten te weinig richting geeft. Volgens één van hen zet hij „geen lijnen uit” wanneer een dossier begint te schuren, waardoor conflicten kunnen uitgroeien tot politieke hoofdpijn.
De scherpste opmerking die rondzingt, is dat Jetten vooral regie voert op hoe hij overkomt. Daarbij wordt verwezen naar zijn socialmediapresentatie: „De enige regie die Rob pakt, is de beeldregie.” Het zegt vooral iets over de frustratie die oploopt.
Niet afwezig, maar soms te laat
Wat de kritiek opvallend maakt: het gaat niet om onkunde of luiheid. Integendeel, Jetten wordt door collega’s juist gezien als goed voorbereid, snel van begrip en iemand die dossiers doorgaans stevig in de vingers heeft.
Maar in politiek Den Haag is kennis niet genoeg. Op momenten dat belangen botsen, partijen elkaar vastzetten of de coalitie onder druk komt, verwachten ministers dat een premier eerder ingrijpt, afbakent en knopen doorhakt.
‘Vooraan als het goed gaat’
Een andere minister typeert Jetten, volgens ingewijden, als iemand die graag zichtbaar is wanneer zaken soepel verlopen. Zodra de situatie grimmiger wordt, zou hij meer afstand nemen. Dat leidt tot een hard oordeel: „Hij staat vooraan als het goed gaat, achteraan als het moeilijk wordt.”
Die klacht gaat niet alleen over aanwezigheid, maar vooral over timing. Ministers willen voelen dat iemand de boel bij elkaar houdt, zeker als een onderwerp richting crisis dreigt te kantelen en iedereen naar het Torentje kijkt voor richting.
De UNRWA-discussie als voorbeeld
Een van de momenten waarop de irritatie zichtbaar werd, speelt rond UNRWA, de VN-organisatie die hulp verleent aan Palestijnse vluchtelingen. Het kabinet had eerder afgesproken om de bijdrage te verlagen, een gevoelig besluit in een gepolariseerd debat.
Later zou D66-minister Sjoerd Sjoerdsma toch extra geld hebben toegezegd om steun in de Eerste Kamer te organiseren. Volgens ingewijden wist Jetten daarvan, maar greep hij niet in. Critici vinden dat hij daar nadrukkelijker leiding had moeten nemen.
LEES OOK:Veel mensen doen dit voor hun eigen huis, maar riskeren ongemerkt een flinke boete
Asielwetten en een lastige erfenis
Ook de asielwetten die nog uit het kabinet-Schoof stammen, zouden intern voor wrevel hebben gezorgd. In de Eerste Kamer stemde de D66-fractie tegen, terwijl tijdens de formatie al was gezegd dat die steun niet vanzelfsprekend was.
Toch vinden sommige ministers dat een premier in zo’n traject actiever had moeten sturen: eerder de risico’s in kaart brengen, de coalitiepartners scherper meenemen en mogelijke blokkades voorkomen. Achteraf klinkt de vraag: „Waar was Jetten in dit hele proces?”
Prinsjesdag: te veel inhoud, te weinig afstand
Ironisch genoeg krijgt Jetten niet alleen het verwijt dat hij te weinig regie pakt. Rond de Prinsjesdagonderhandelingen zou juist het tegenovergestelde hebben gespeeld: volgens betrokkenen dook hij soms zó diep de inhoud in dat zijn rol als verbindende premier onder druk kwam.
Toen begrotingstabellen van D66 en CDA samen op tafel belandden, ontstond bij de VVD het gevoel dat Jetten zijn „D66-pet” droeg. In coalities is vertrouwen fragiel, en schijn van partijdigheid kan al genoeg zijn voor irritatie.
Wat collega’s wél waarderen
Niet iedereen in het kabinet kijkt negatief naar Jetten. Hij wordt ook omschreven als pragmatisch, snel in het sluiten van compromissen en iemand die afspraken niet laat versloffen. In rustige fases kan dat precies zijn wat een kabinet nodig heeft.
Het probleem is vooral dat de verwachtingen van een premier veranderen zodra de druk stijgt. Dan gaat het minder om een slimme deal en meer om het gevoel dat iemand de koers bewakt, escaleert wanneer nodig en grenzen stelt aan eigen en andermans rol.
Wat betekent dit voor de coalitie?
Interne kritiek is niet ongewoon, maar de hardheid van sommige uitspraken valt op. Als ministers publiek stil blijven maar intern twijfelen, kan dat doorsijpelen in besluitvorming: meer eigen eilandjes, minder vanzelfsprekende loyaliteit en stroperiger onderhandelingen.
Voor Jetten ligt er daarmee een lastige opdracht. Niet per se om méér in beeld te komen, maar om op de momenten dat het schuurt zichtbaar knopen door te hakken. Anders blijft het verwijt hangen: veel energie, maar te weinig regie.
Praat mee
De vraag is nu of dit vooral een momentopname is of het begin van een breder probleem in het kabinet. Als de spanning oploopt, wordt leiderschap minder een stijlkwestie en meer een randvoorwaarde om overeind te blijven.
Wat vind jij: moet een premier juist boven de partijen staan of af en toe hard ingrijpen aan de onderhandelingstafel? Laat het weten en praat mee via onze sociale media.
Bron: nieuwrechts.nl
LEES OOK:Busongeluk met Nederlanders in Zwitserland: dit weten we nu










