Wie al langer met hardnekkige lage rugpijn rondloopt, kent het patroon: je probeert van alles, je wil blijven functioneren, maar die pijn tikt elke dag weer aan. Op een gegeven moment kom je dan uit bij middelen die net wat verder gaan dan paracetamol.
En precies daar duikt gabapentine vaak op. Het is een medicijn dat regelmatig wordt ingezet bij pijn die ‘anders’ voelt—alsof er stroompjes lopen, alsof het brandt of steekt. Alleen is er nu nieuw onderzoek dat vraagt om extra alertheid, zeker bij langdurig gebruik.
Waarom gabapentine zo vaak in beeld komt
Gabapentine werd ooit ontwikkeld voor epilepsie, maar artsen schrijven het al jaren ook voor bij zenuwpijn. Denk aan klachten na gordelroos, tintelingen, schietende pijn of een zenuw die geïrriteerd raakt in de rug.
Voor veel mensen klinkt het aantrekkelijk omdat het vaak als een ‘mildere’ optie wordt gezien dan zware opioïden. Minder zorgen over verslaving, minder stigma, en toch kans op verlichting. Maar ‘minder zwaar’ is niet hetzelfde als ‘zonder bijwerkingen’.
Wat onderzoekers nu hebben uitgezocht
Onderzoekers van Case Western Reserve University doken in grote hoeveelheden Amerikaanse medische data uit 68 zorgsystemen. Ze wilden weten: lopen rugpijnpatiënten die gabapentine krijgen op de lange termijn tegen andere problemen aan dan vergelijkbare patiënten zonder gabapentine?
Daarvoor vergeleken ze 26.414 volwassenen met chronische lage rugpijn die gabapentine kregen met een matched controlegroep die het middel niet gebruikte. Door die groepen naast elkaar te leggen, kun je patronen zien die in een spreekkamer makkelijk onder de radar blijven.
Het opvallende signaal in de cijfers
In de data verscheen een verband tussen vaker gabapentine voorgeschreven krijgen en later vaker een diagnose dementie of milde cognitieve stoornis. Dat laatste betekent problemen met geheugen en denken die nog geen dementie zijn, maar wél serieus genomen worden.
Bij mensen met zes of meer recepten binnen tien jaar zagen de onderzoekers een hogere kans: ongeveer 29% meer kans op dementie en 85% meer kans op milde cognitieve stoornissen. Belangrijk: dit laat een verband zien, geen bewezen oorzaak.
Ook jongere volwassenen vallen op
Wat deze analyse extra gevoelig maakt, is dat het signaal niet alleen bij ouderen werd gezien. Juist in de groep van 35 tot 49 jaar kwam een duidelijke stijging naar voren, terwijl dementie daar normaal gesproken veel minder vaak voorkomt.
In die leeftijdsgroep lag de kans op dementie ongeveer twee keer zo hoog, en de kans op milde cognitieve problemen ongeveer drie keer zo hoog, vergeleken met vergelijkbare rugpijnpatiënten die geen gabapentine kregen. Dat is precies het soort uitkomst dat onderzoekers wakker houdt.
Niet elke leeftijdsgroep liet hetzelfde patroon zien
Bij volwassenen van 50 tot 64 jaar werd eveneens een duidelijke toename gezien. Alleen bij de groep van 18 tot 34 jaar kwam in deze dataset geen sterk, helder verhoogd risico naar voren. Dat klinkt geruststellend, maar vraagt ook om nuance.
Want ‘niet duidelijk verhoogd’ kan meerdere dingen betekenen: het kan écht kleiner zijn, maar ook dat er minder gevallen zijn om conclusies op te baseren. Zeker bij aandoeningen die in jongere groepen simpelweg minder vaak worden vastgesteld.
Meer voorschriften, sterker signaal
Een detail dat onderzoekers altijd extra serieus nemen, is een zogenoemd dosis-respons signaal: hoe vaker iemand het middel krijgt, hoe sterker het verband lijkt. In deze analyse groeide het risico mee met het aantal gabapentine-recepten.
Bij twaalf of meer recepten werd de kans op dementie ongeveer 40% hoger gevonden. Voor milde cognitieve stoornissen lag de stijging rond 65%. Dit soort resultaten zijn geen bewijs van schuld, maar ze maken langdurig ‘gewoon doorgebruiken’ wel iets om actief te blijven evalueren.
Bijwerkingen die het beeld kunnen vertroebelen
Gabapentine staat erom bekend dat het bij sommige mensen duizeligheid, sufheid, extreme vermoeidheid, vocht vasthouden en een droge mond kan geven. Dat zijn klachten die je concentratie en alertheid sowieso kunnen aantasten, los van grotere diagnoses.
Het lastige is dat geheugen- en denkproblemen vaak meerdere oorzaken hebben. Chronische pijn zelf, slechte slaap, minder bewegen, stress, depressieve klachten en andere medicatie kunnen allemaal invloed hebben. Daardoor is het moeilijk om in het dagelijks leven één duidelijke boosdoener aan te wijzen.
Veroorzaakt gabapentine dan dementie?
Op basis van dit onderzoek kun je niet zeggen dat gabapentine dementie veroorzaakt. Het gaat om observationeel onderzoek: onderzoekers kijken achteraf naar gegevens en zien verbanden, maar kunnen niet alle factoren volledig uitsluiten die het verschil verklaren.
Toch is het wél een signaal dat aandacht verdient, juist omdat gabapentine vaak langdurig wordt gebruikt. Als een medicijn breed wordt voorgeschreven aan grote groepen, is het logisch dat wetenschappers extra scherp zijn op mogelijke langetermijneffecten.
Waarom artsen hier niet omheen kunnen
In de praktijk is gabapentine zelden een ‘eerste keuze’. Vaak is er al van alles geprobeerd en is er behoefte aan iets dat zenuwpijn dempt of het dagelijks functioneren net wat mogelijker maakt. Voor sommige patiënten werkt dat ook echt.
Maar langdurig gebruik kan geleidelijk insluipen: het helpt een beetje, dus je gaat door, maand na maand. Alleen kan de balans tussen voordeel en nadeel verschuiven. Daarom is herbeoordeling slim: werkt het nog, en wat zijn de bijwerkingen geworden?
Wat je kunt doen als je gabapentine gebruikt
Stop niet zomaar op eigen houtje. Plotseling stoppen of te snel afbouwen kan klachten geven, waaronder onrust, slechter slapen en het terugkeren van pijn. Bespreek een afbouw- of aanpassingsplan altijd met je huisarts, specialist of apotheker.
Merk je dat je vergeetachtiger wordt, minder scherp bent of moeite hebt met concentreren? Leg dat dan concreet vast: wanneer merkte je het, wat gaat er mis, en hoe vaak? Dat helpt om samen te bepalen of extra controle nodig is, of een andere aanpak beter past.
Alternatieven: het gesprek dat je echt wilt voeren
Er zijn vaak meer knoppen om aan te draaien dan alleen ‘wel of geen gabapentine’. Afhankelijk van de oorzaak van je pijn kan fysiotherapie, kracht- en stabiliteitstraining, een beter slaappatroon, stressaanpak of pijneducatie verrassend veel doen.
Ook medicatie-alternatieven bestaan, maar wat passend is verschilt enorm per persoon. Het beste gesprek met je arts gaat daarom niet alleen over ‘door of stoppen’, maar over doelen: wil je beter slapen, meer bewegen, minder pijn, of vooral mentaal scherp blijven op werk?
Geen paniek, wel bewust omgaan met de lange termijn
De kern is niet dat gabapentine ineens ‘fout’ is. Voor veel mensen maakt het het verschil tussen de dag doorkomen of helemaal vastlopen. Maar de nieuwe bevindingen maken duidelijk dat langdurig en frequent gebruik extra aandacht verdient.
Zie het als een reden om af en toe een check-in te plannen: hoe gaat het, helpt het nog genoeg, en wat zijn de nadelen? En wat vind jij: wordt er genoeg meegedacht over langetermijngebruik van dit soort middelen? Laat het weten via onze sociale media.
Bron: menszine.nl












