Premier Rob Jetten heeft zich uitgesproken tegen het besluit van de gemeenteraad van Oldebroek om te stoppen met het voeren van specifiek lhbtiq+-beleid en het niet langer hijsen van de regenboogvlag op Coming-Outdag.

De gemeenteraadsleden van de coalitiepartijen CVO, SGP en Algemeen Belang Oldebroek maakten donderdagavond hun besluit definitief: het beleid uit 2021 ten aanzien van de lhbtq+-gemeenschap wordt ingetrokken en het hijsen van de regenboogvlag komt te vervallen.
Besluit na langdurig debat
De vergaderingen in de gemeenteraad gingen vooraf aan een uitgebreid debat, dat uiteindelijk leidde tot het officiële besluit op donderdag 1 oktober. Twee concrete aanpassingen werden aangenomen: het gemeentelijke Plan van aanpak LHBTQ+ uit 2021 wordt volledig ingetrokken en de regenboogvlag zal op Coming-Outdag niet meer wapperen bij het gemeentehuis van Oldebroek.
De beslissing was niet geheel verrassend, aangezien de betrokken coalitiepartijen hun standpunt al hadden vastgelegd in het bestuursakkoord voor de periode 2026-2030. In dat akkoord werd benadrukt dat inwoners volgens de coalitie moeten worden verenigd onder de vlag van Oldebroek en de Nederlandse vlag. Specifiek beleid voor doelgroepen, zoals de lhbtq+-gemeenschap, wordt daarmee losgelaten.
Langlopende kritiek op niet-Nederlandse vlaggen
De weerstand tegen het hijsen van de regenboogvlag is niet nieuw in de gemeente Oldebroek. Wethouder Tom de Nooijer, afkomstig van coalitiepartij CVO, heeft zich al jarenlang uitgesproken tegen de aanwezigheid van de LHBTI-vlag en andere vlaggen die niet tot het officiële Nederlandse vlaggenpalet behoren op het gemeentehuis.
Deze opstelling sluit aan bij het eerder genoemde bestuursakkoord, waarin wordt gepleit voor eenheid door het gebruik van alleen de vlaggen van Oldebroek en Nederland.
Felle reactie van premier Rob Jetten
Premier Rob Jetten liet in duidelijke bewoordingen weten weinig begrip te hebben voor de keuze van de Oldebroekse gemeenteraad. Hij uitte zijn verbazing over de controverse rondom de regenboogvlag en stelde openlijk de vraag waarom een vlag met, zoals hij het omschreef, “een paar vrolijke kleuren” zoveel weerstand oproept bij de betrokken partijen.
Jetten liet blijken dat hij het besluit van de coalitie onnodig vindt en dat het volgens hem een verkeerd signaal afgeeft richting de lhbtq+-gemeenschap in Oldebroek en daarbuiten.
Coalitiepartijen houden vast aan eenheid
De coalitie van CVO, SGP en Algemeen Belang Oldebroek blijft achter het besluit staan en benadrukt dat het beleid bedoeld is om de eenheid onder inwoners te bevorderen.
LEES OOK:Nieuwe peiling laat opvallende beweging zien bij PVV en FVD
Volgens deze partijen moeten de vlaggen van Oldebroek en Nederland centraal staan bij officiële gelegenheden en hoort daar geen ruimte te zijn voor het hijsen van de regenboogvlag of andere niet-Nederlandse symbolen. Met het intrekken van het specifieke lhbtq+-beleid en het beëindigen van het vlaggenritueel op Coming-Outdag, willen de partijen afstappen van apart doelgroepenbeleid.
Reacties en context
Het besluit van de gemeenteraad leidde tot uiteenlopende reacties binnen en buiten Oldebroek. Terwijl tegenstanders van het besluit het zien als een stap terug op het gebied van inclusiviteit en zichtbaarheid voor de lhbtq+-gemeenschap, stellen voorstanders dat het stoppen met het hijsen van de regenboogvlag juist de eenheid binnen de gemeente ten goede komt.
De discussie over het hijsen van de regenboogvlag op gemeentelijke gebouwen is al langer gaande in verschillende gemeenten in Nederland, en de keuze van Oldebroek past binnen een bredere landelijke discussie over de zichtbaarheid en het beleid rond de lhbtq+-gemeenschap.
Op sociale media werd het besluit van de gemeenteraad breed gedeeld, waarbij zowel steun als kritiek werd geuit. De woorden van premier Jetten werden door veel gebruikers aangehaald, terwijl aanhangers van het besluit benadrukten dat het beleid van de gemeente aansluit bij hun wens om allen te verenigen onder de nationale en gemeentelijke symbolen.
Binnenlands politiek debat
De discussie rond het besluit van Oldebroek heeft ook zijn weerslag op het bredere politieke debat in Nederland. De kwestie raakte aan bredere thema’s zoals de rol van lokale overheden in diversiteitsbeleid, de zichtbaarheid van minderheidsgroepen en de invloed van landelijke politiek op gemeentelijke besluiten.
Verschillende politieke figuren en partijen hebben zich inmiddels uitgesproken over de gang van zaken in Oldebroek, waarbij het standpunt van premier Jetten als leidend geldt voor de kritiek op het besluit.
De coalitiepartijen in Oldebroek benadrukken echter dat het besluit niet is bedoeld om groepen uit te sluiten, maar juist om te streven naar gelijkheid door alleen de officiële vlaggen te voeren. Zij stellen dat het hanteren van aparte vlaggen voor specifieke doelgroepen volgens hen niet past bij het streven naar eenheid binnen de gemeente.
Toekomstig beleid
Met het intrekken van het lhbtq+-beleid en het staken van het hijsen van de regenboogvlag op Coming-Outdag, zet de gemeente Oldebroek een duidelijke koerswijziging in voor de komende jaren.
Voor de periode 2026 tot 2030 is vastgelegd dat er geen apart doelgroepenbeleid meer zal worden gevoerd en dat symboliek op het gemeentehuis beperkt blijft tot de vlaggen van Oldebroek en Nederland. Het is nog onduidelijk welke gevolgen dit zal hebben voor de zichtbaarheid en ondersteuning van de lhbtq+-gemeenschap binnen de gemeente.
Het besluit van de gemeenteraad van Oldebroek blijft voorlopig onderwerp van gesprek, zowel lokaal als nationaal. Of andere gemeenten het voorbeeld van Oldebroek zullen volgen, is nog niet bekend.
Premier Jetten heeft in ieder geval duidelijk gemaakt dat hij het besluit betreurt en pleit voor blijvende aandacht voor de positie en zichtbaarheid van de lhbtq+-gemeenschap in heel Nederland.
Bron: nieuwrechts.nl
LEES OOK:Heftig: massale ambulance-inzet bij strand na vreselijk incident










